Reïntegratie na burn-out moet zeer goed worden aangepakt, omdat anders de kans op langdurige arbeidsongeschiktheid zeer groot is. Ervan uitgaande dat er geen andere psychische of psychiatrische problemen aan de burn-out ten grondslag liggen en dat adequate behandeling van de burn-out parallel aan de re-integratie plaatsvindt, hoeft re-integratie na burn-out niet lang te duren. In principe – als de re-integratie goed wordt aangepakt – kan de werknemer na drie maanden weer 100% arbeidsgeschikt zijn.

Als burn-out wordt veroorzaakt door een ander psychisch of psychiatrisch probleem, kan re-integratie na burn-out nog wel plaatsvinden, maar kan re-integratie langer duren dan drie maanden. Parallel aan de reïntegratie zal immers een adequate behandeling van de andere psychische of psychiatrische problematiek moeten plaatsvinden.

Deze adequate behandeling vindt uiteraard niet plaats vanuit de werkgever, maar vanuit het behandelcircuit. Vaak op verwijzing van de huisarts. De bedrijfsarts zal wel moeten controleren of de behandeling adequaat is, omdat anders het doel van de werknemer, terugkeer in zijn of haar werk, niet kan worden bereikt.

Helaas leert de praktijk dat re-integratie na burn-out vaak niet goed wordt opgepakt, waardoor veel werknemers – ondanks adequate behandeling vanuit het behandelcircuit – een jaar of langer arbeidsongeschikt zijn als gevolg van een burn-out. Dit is bijzonder vervelend.

In de eerste plaats voor de werknemer, omdat deze vaak onnodig lang thuis zit en het risico loopt geconfronteerd te worden met de ontslagwens. De lange periode van re-integratie geeft de werkgever en leidinggevende vaak het gevoel dat een definitieve terugkeer geen optie is. Het komt vaak voor dat de werkgever en leidinggevende na ongeveer een jaar de optie van een definitieve terugkeer laten varen en gaan aandringen op ontslag.

Reïntegratie na burn-out: fase 2 de echte reïntegratie
De tweede fase van reïntegratie na een burn-out is de echte reïntegratie. Het is de fase waarin de werknemer de problemen en de oplossingen daarvoor identificeert. Het is de fase waarin de energie en de belastbaarheid door re-integratie weer worden opgebouwd. Daarvoor is nodig dat de werknemer inzicht heeft in concrete oplossingen voor in ieder geval een deel van de problemen.

Het is van belang dat de re-integratie stapsgewijs plaatsvindt. Zowel wat betreft de opbouw van uren als de opbouw van taken en de opbouw van werk onder tijdsdruk. De reïntegratie zal moeten plaatsvinden in stappen, die voor de werknemer haalbaar zijn.

Ten aanzien van de opbouw van uren bepaalt de bedrijfsarts meestal welke stappen haalbaar moeten zijn. Ook bepaalt de bedrijfsarts vaak dat in het begin niet onder tijdsdruk gewerkt mag worden. In eerste instantie zal de werknemer dus meestal moeten beginnen met aangepaste taken zonder tijdsdruk.

De tweede fase van reïntegratie na burn-out hoeft slechts enkele weken tot enkele maanden te duren. In de praktijk is dit de fase waar veel werknemers niet doorheen komen. Vaak zijn er geen concrete oplossingen voor althans een deel van de problemen. Ook weten werkgevers en werknemers vaak niet hoe om te gaan met de opeenstapeling van taken. Deze fase duurt vaak vele maanden of zelfs meer dan een jaar.

Af en toe koffie drinken op het werk

Soms wordt geadviseerd om in deze fase van re-integratie na een burn-out te beginnen met de werknemer periodiek koffie te laten drinken op het werk. De gedachte hierachter is dat dit de drempel verlaagt om weer aan het werk te gaan. Er moet echter goed onderzocht worden of dit ook daadwerkelijk het geval is. Ook het periodiek koffie drinken op het werk kan de drempel om weer aan het werk te gaan verhogen.

Voor verschillende werknemers geldt dat zij zeer wantrouwend staan tegenover het periodiek drinken van koffie. Ze weten bijvoorbeeld niet waar ze over moeten praten. Het is voor hen het beste als ze meteen iets kunnen doen als ze weer aan het werk zijn. Ook al is het maar een klein klusje. Neem dit mee in uw overweging om de werknemer wel of niet periodiek koffie te laten drinken. Bespreek dit ook met uw werknemer. Betrek de werknemer bij de keuze om wel of niet periodiek koffie te laten drinken.

Aangepaste taken

Wat vaak misgaat bij re-integratie na burn-out zijn de taken die de werknemer krijgt. De bedrijfsarts is over het algemeen niet in staat om te bepalen welke taken de werknemer moet krijgen. De bedrijfsarts heeft daarom onvoldoende zicht op het takenpakket van de werknemer. Dit valt ook buiten zijn of haar deskundigheid. De bedrijfsarts bekijkt het immers vanuit een medische invalshoek.

De arbodienst heeft over het algemeen niemand anders in dienst die voldoende inzicht heeft in het takenpakket van de werknemer en dus kan vertellen welke taken de minste werkdruk met zich meebrengen en hoe toegewerkt kan worden naar 100% arbeidsgeschiktheid. Dit vereist een goede communicatie met de werknemer en een goede kennis van het takenpakket, met de kennis van welke taken geen werkdruk met zich meebrengen en welke taken wel en hoeveel werkdruk met zich meebrengen.

In het algemeen is hier een rol weggelegd voor de leidinggevende van de werknemer en HR. De leidinggevende weet immers welke taken tot het takenpakket behoren. HR weet als het goed is hoeveel werkdruk elke taak met zich meebrengt en welke andere werkzaamheden er binnen het bedrijf nog zijn. Door deze informatie te koppelen, kan een mooi rooster worden gemaakt, waarin gaandeweg de uren, het soort taken en de werkdruk weer worden opgebouwd. In een tempo dat voor de werknemer haalbaar is.

Als er binnen uw bedrijf geen HR aanwezig is, of als HR wel aanwezig is, maar de betrokkene(n) hebben onvoldoende ervaring met re-integratie na burn-out, dan is het raadzaam om externe hulp in te schakelen van een HR-specialist die wel voldoende ervaring heeft met re-integratie na burn-out. Anders is de kans groot dat de werknemer de verkeerde taken krijgt toebedeeld, met terugval tot gevolg.

In ieder geval moet bedacht worden dat het inschakelen van externe hulp vaak aan te raden is vanwege het feit dat de werknemer meestal wantrouwen heeft jegens de leidinggevende en degene die zich binnen het bedrijf met HR bezighoudt. De werknemer is over het algemeen van mening dat hij niet genoeg heeft gedaan om een burn-out te voorkomen.

Daarom is er meestal niet veel vertrouwen dat het hen zal lukken om goed te re-integreren. Helaas wijst de praktijk ook vaak uit dat de re-integratie niet goed wordt aangepakt, waardoor de werknemer in zijn of haar negatieve beeld wordt bevestigd. Door een extern persoon in te schakelen, die over de juiste expertise beschikt, kunt u vertrouwen opbouwen bij de werknemer, wat essentieel is voor een snel herstel.

https://www.ndoorherstel.nl/wat-wij-doen/burn-out-re-integratie/